Persoonlijk festivalverslag Anita Hubner

Anita Hubner (op de foto links) is psycholoog en ervaringsdeskundige. Zij was betrokken bij de ontwikkeling van de generieke module Arbeid als medicijn. Voor het NKO schreef zij dit persoonlijke festivalverslag. 

© Geert van Tol

© Geert van Tol fotografie

Utrecht, 30 november 2017

“Ik stap Tivoli Vredenburg binnen. Met mij ruim 500 andere bezoekers: wetenschappers, ervaringsdeskundigen en behandelaren uit het hele land. Terwijl ik rondkijk denk ik terug aan de afgelopen 22 jaar. Ik denk  terug aan mijn eerste opname in de psychiatrie uit 1995. Ik was toen 21. Als ik in 1995 naar mijn psychiater had geluisterd was ik zelf niet psycholoog geworden: volgens hem was er geen kans meer op herstel.

Vandaag loop ik hier in Tivoli. Inmiddels heb ik 20 jaar werkervaring als psycholoog en een eigen bedrijf. Dat ook ik een psychische aandoening heb, dat is inmiddels geen geheim. Sterker nog: ik word juist gevraagd om vanuit ervaringsdeskundigheid te spreken.

Juist de combinatie van mijn ervaring als hulpverlener én als patiënte maakt dat ik dit festival bijzonder vind. Ruim 20 jaar geleden was het ondenkbaar dat ervaringsdeskundigen, hun naasten, behandelaren en wetenschappers gezamenlijk zouden komen tot afspraken over kwaliteit van zorg, vastgelegd in zorgstandaarden en generieke modules. En nu, anno 2017, is er een bomvol Tivoli waar zij allemaal samen stilstaan bij deze mijlpaal.”

Kwaliteitsontwikkeling in de ggz: standaarden, taboe doorbreken, ervaringsdeskundigen en samen beslissen
Niemand minder dan de kersverse staatssecretaris van VWS Paul Blokhuis opent het festival. Zes weken geleden was hij nog wethouder in Apeldoorn. Zijn aanwezigheid laat zien dat hij kwaliteitsontwikkeling in de ggz een belangrijk onderwerp vindt.

Zelf zegt hij hierover: ‘Één op de vier mensen krijgt tijdens zijn leven te maken met een psychische klacht of aandoening. Dat vind ik een kolossale hoeveelheid, maar als het RIVM dat zegt, dan geloof ik dat. Dat betekent dat veel professionals hier aanwezig ook privé ooit met een psychische aandoening van doen heeft of krijgt.’

Het blijft stil in de zaal. Maar hij slaat wel de spijker op zijn kop. Samen Sterk zonder Stigma maakt zich immers daarom sterk voor een samenleving waarin we vooroordelen op mensen met psychische aandoeningen doorbreken en naar openheid kunnen gaan.

Ook staat hij stil bij de inbreng van ervaringsdeskundigen. Zij zijn goed geïnformeerd, ze googlen, en zijn hun eigen expert. Het is daarom ook logisch dat de standaarden mede met hun inbreng zijn ontwikkeld zoals via Mind, stelt hij.

In zijn toespraak staat de staatssecretaris ook stil bij samen beslissen. Hij is verheugd te lezen hoe dit binnen de zorgstandaarden een plek heeft. ‘Ik ga u iets zeggen dat u (hulpverlener) misschien niet leuk vindt, maar ik doe het toch. Zowel bij mij als ook financiers en zorginkopers speelt het beeld dat u bepaalt wat goed is. Zo bent u ook opgeleid.’ Dat zal dus nu moeten veranderen in samen met de patiënt beslissen over de zorg en ondersteuning.

Deze opmerking is een aangename verrassing voor mij. Uit eigen ervaring als patiënte weet ik dit. Ik herken dit ook uit mijn eigen opleiding tot psycholoog. Zelf geef ik sinds dit jaar trainingen als ervaringsdeskundige in samen beslissen aan vrijgevestigde psychologen. En ik herken deze attitude tijdens de trainingen. Maar nu zelfs de staatssecretaris dit herkent én spiegelt aan de zaal, zorgt dat ik me als ervaringsdeskundige gesteund voel. De transitie is gaande maar er is nog een wereld te winnen.”

De toekomst voor kwaliteitsontwikkeling in de ggz
Een belangrijke fase breekt aan: de fase van implementatie van de nieuwe zorgstandaarden. Begin 2017 ben ik benaderd met de vraag of ik een van de  ambassadeurs wil worden van het Netwerk Kwaliteitsontwikkeling GGz. Als ambassadeur help je om de zorgstandaarden naar de praktijk te brengen, door professionals en betrokkenen te vertellen over de standaarden en hoe zij hier profijt van kunnen hebben in het werk. Ik besloot  ‘ja’ te zeggen. Waarom? Omdat ik geloof in de onderliggende visie waarop de standaarden zijn ontwikkeld: vanuit het perspectief van de patiënt en met ervaringsdeskundigen als mede-ontwikkelaar. Een volstrekt andere visie dan hoe ik ben opgeleid waarbij het ziektebeeld leidend was, niet de mens.

Wat ik hoop is dat deze standaarden wezenlijk bijdragen aan anders denken en werken met mensen met psychische aandoeningen. Het stigma binnen de ggz is het grootse onder hulpverleners zelf. Naast de inzet van ervaringsdeskundigen en herstelgericht werken draagt ook de inzet van zorgstandaarden en generieke modules bij aan het doorbreken van stigma. De inhoud voor goede zorg per aandoening  is geschreven vanuit het perspectief van de patiënt, niet vanuit de ziekte en i.s.m. ervaringsdeskundigen.

Als behandelaar of onderzoeker vraagt het werken met zorgstandaarden om van je expert rol (‘ik weet wat goed is voor jou’) af te stappen, het paternalistische model los te laten en ervaringsdeskundigen  in je team en je cliënt als gelijkwaardig zien. Samen Beslissen is dus ook écht samen beslissen.

In 2013 raakte ik voor de derde keer psychisch ziek en belandde in de psychiatrie. Ik kan niet in de toekomst kijken of ik opnieuw ziek zal raken. Wel hoop ik dan te merken dat alle vernieuwingen waar ik nu aan meewerk en zelf uitdraag voor mij merkbaar zijn.”

 


Deel dit bericht via: