Aanleiding

Mensen met een psychische stoornis die zwak begaafd (ZB) zijn of een licht verstandelijke beperking (LVB) hebben, krijgen in de verstandelijk gehandicaptenzorg (VG), de ggz of in andere sectoren zoals de verslavingszorg, de forensische zorg alsmede de eerstelijnszorg of de OGGZ behandeling of begeleiding. In de ggz worden patiënten primair behandeld voor hun psychische stoornis en is er niet altijd oog voor en kennis van onderliggende of gerelateerde LVB-problematiek. Omgekeerd hebben professionals in de VG vaak onvoldoende kennis van het herkennen, diagnosticeren en behandelen van psychische stoornissen. Gevolg is dat mensen met een psychische stoornis en ZB/LVB lang niet altijd de zorg krijgen die ze nodig hebben.

Doelstelling

De te ontwikkelen generieke module Psychische stoornissen en ZB/LVB biedt aanbevelingen ter ondersteuning van het handelen van zorgprofessionals zowel binnen de GGZ als binnen de verstandelijk gehandicaptenzorg (VG) en aanpalende sectoren. De bedoeling is daarmee de zorg voor patiënten met een psychische stoornis en ZB/LVB te verbeteren. De generieke module biedt patiënten en naastbetrokkenen inzicht in de  beschikbare evidentie, in ‘best practices’ en in de organisatie van zorg voor patiënten.

Verwachte resultaten

Het project beoogt de volgende producten op te leveren: De generieke module bevat de volgende onderdelen:

  • Een beschrijving van de gehele zorgketen (preventie/onderkenning, diagnostiek, behandeling, begeleiding en herstel) t.b.v. mensen met een psychische stoornis en ZB/LVB.
  • Een beschrijving van de verwijslijnen (in de vorm van stroomdiagrammen) en de randvoorwaarden die nodig zijn om de (multidisciplinaire) zorg voor de doelgroep goed te organiseren.
  • Een beschrijving van de kwaliteitsindicatoren met bijbehorende meetinstrumenten over uitkomst, proces en structuur van de zorg.
  • Een handleiding voor de implementatie van de generieke module, op basis van bevindingen uit een praktijktest.
  • Een onderhoudsplan.

Werkwijze

Een werkgroep bestaande uit vertegenwoordigers van patiëntenverenigingen, beroepsorganisaties en expertisecentra ontwikkelt in onderlinge samenspraak de module in acht fasen. De methodische begeleiding van de werkgroep wordt gedaan door het Trimbos-instituut.